over zwangerschap en baby
RSS icoon Email icoon Home icoon
  • Harm-Gijs!


    Geplaatst op 23 juli, 2012 Carla 5 reacties

    24 juli 1986. Mijn broer en schoonzus worden voor de derde keer vader en moeder van een prachtig kereltje. Ik ben in de bevoorrechte positie om bij de bevalling aanwezig te zijn en aansluitend nog 10 volle kraamdagen kraamzorg te geven.

    Tijdens de kraamweek

    Al met al was het een vlotte bevalling. Terwijl de huisarts nog druk bezig was met de inhoud van zijn tas uit te stallen op de commode, gaf mijn schoonzus aan dat ze daar echt niet meer op kan wachten en binnen enkele seconden werd er een krijsend jongetje geboren. Deze snelle lancering was voor de huisarts een reden om hem de rest van zijn leven ‘Tinus-plotseling’ te noemen.

    Met grote broer en zus tijdens de kraamweek

     

    Gelukkig hadden mijn broer en schoonzus zelf ook heel goed nagedacht over zijn naam en zij noemden hem Harm-Gijs. Harm is afkomstig van opa aan moeders kant en Gijs is afgeleid van Geesje. Er zijn geen foto’s van dat moment, maar toen ik hoorde dat hij naar mij werd vernoemd stond ik denk ik te glimmen van trots.

     

    Een scheve lach

    De eerste levensjaren van Harm-Gijs maakte ik van dichtbij mee. Ik woonde nog bij mijn ouders thuis en Harm-Gijs woonde zo’n 300 meter bij ons vandaan. Dagelijks kwam hij dwars door het veld aangerend om even bij opa en oma te ‘buurten’. Opa was zijn grote vriend en uren achter elkaar brachten ze samen door, bij voorkeur op de trekker. Harm-Gijs ontwikkelde zich als een klein maar o zo dapper mannetje dat heel snel boos werd, maar nog sneller weer vrolijk was.

    Ik ging in Bourtange wonen en Harm-Gijs groeide, iets verder van mij af, op. Regelmatig kwam hij logeren en dat maakte weer een heleboel goed. Toen Harm-Gijs 9 jaar was werd onze zoon Geert geboren. Opeens was Harm-Gijs niet meer de jongste van de familie en hij ontpopte zich met grote overgave als de grote neef.

    Harm-Gijs verhuisde naar een ander dorp, werd een puber en ging naar het voortgezet onderwijs. Een nieuwe periode waarin hij wat minder de behoefte had om bij zijn oom en tante in Bourtange te logeren. We zagen elkaar daardoor wat minder vaak, maar de contacten bleven goed. Harm-Gijs haalde z’n diploma, kreeg verkering, haalde z’n rijbewijs en ging door voor het grootrijbewijs. Zijn droom achterna, chauffeur op een grote vrachtwagen worden. En deze droom kwam uit.

    Het zal ongeveer najaar 2006 zijn geweest toen er midden in de nacht een vrachtwagen voor ons huis stopte en luid begon te toeteren. Het was Harm-Gijs in een prachtige vrachtwagen van de gebroeders Wever. Hij mocht de bieten van de buren ophalen en manoeuvreerde het grote gevaarte zonder enige moeite de bietenakker op. Die nacht kwam van slapen weinig terecht, want iedere 2 uur stond Harm-Gijs luid toeterend naast ons slaapkamerraam. De buurt zal er niet zo blij mee zijn geweest, maar ik was trots als of het m’n eigen kind was!
    Regelmatig kwamen we elkaar tegen op de A7. Hij richting de suikerunie met een wagen vol bieten en ik op weg naar kantoor. In de meeste gevallen zag hij mij eerder dan ik hem. Harm-Gijs begon dan met de lichten te knipperen of luid te toeteren als ik naast hem reed. Menig keer heeft hij mij daardoor de stuipen op het lijf gejaagd en ik weet zeker dat dat bij hem een glimlach op zijn gezicht bezorgde. Een scheve glimlach, want Harm-Gijs trok daarbij z’n rechter mondhoek naar beneden

    11 september 2007 bereikte ons het bericht dat Harm-Gijs een ernstig auto ongeluk had gehad. Het zag er niet goed uit. Er volgden dagen van hoop en vrees maar op 21 september overleed Harm-Gijs aan de gevolgen van het ongeluk. Een dag later kwam Harm-Gijs thuis nadat ik met de mensen van de begrafenisvereniging hem had aangekleed met zijn favoriete kleding. Op dat moment bedacht ik mij dat ik 21 jaar geleden degene was geweest die hem zijn eerste kleertjes had aangetrokken. Bizar …… hoe raar kan het leven lopen.

    Vandaag, op de dag dat deze blog wordt gepubliceerd, zou Harm-Gijs 26 jaar geworden zijn. Eén van de zo vele baby’s die ik geboren heb zien worden, maar die ik helaas ook heb zien sterven. Voor velen is het alweer 5 jaar geleden dat hij overleed, voor ons is het nog maar 5 jaar. Daarom een blog volledig gewijd aan Harm-Gijs. Misschien is het niet een verhaal wat direct past binnen de belevenissen van mijn werk als kraamverzorgende. Maar Harm-Gijs zijn geboorte, zijn leven en zijn sterven zijn heel bepalend geweest voor mijn doen en laten, het is een onderdeel van mijn leven geworden.

    Geesje Fokkens-Roosien
    Kraamverzorgende en Zorgdeskundige
    Kraamzorg Het Groene Kruis
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

    Harm-Gijs z’n moeder publiceerde onlangs een veel zeggend gedicht:

    Bewaren voor altijd

    Jou bewaren wij
    in onze verhalen

    jou bewaren wij
    in ons hart

    jou bewaren wij
    in ons gemis

    jouw naam
    brengen wij ter sprake
    als anderen zwijgen

    jouw naam noemen wij
    als anderen denken:
    al zo lang geleden

    jou bewaren wij
    voor altijd

     

  • Op naar de feestweek van Bourtange!


    Geplaatst op 2 juli, 2012 Geesje 2 reacties

    Floris
    Het is vandaag 30 juni! Mijn zeer gewaardeerde en aangetrouwde neef Floris wordt vandaag 50 jaar! Hij is getrouwd met mijn nicht Geesje. Uiteraard Geesje. Mijn grootouders hadden 5 kinderen en 3 kleindochters zijn naar oma vernoemd. We hebben dus Geesje van Sien, Geesje van Roel, Geesje van Derk. Vanavond hebben we een knalfuif bij Geesje van Sien en haar man Floris.

    Kraamzorg én Mantelzorg
    Gees en Floris werden in 1991 voor het eerst moeder en vader en uiteraard gaf ik de kraamzorg. Er werd een prachtig kereltje geboren tijdens de feestweek in Bourtange. In die tijd was dat een jaarlijks terugkerend evenement waar alle bewoners naar toe leefden. Ik woonde inmiddels in Bourtange en ook de andere Gees en haar man Floris woonden in Bourtange. Ze runden daar een gemengd bedrijf, veeteelt en akkerbouw. In die zin was het ook makkelijk dat ik de kraamzorg gaf, omdat ik dan direct de mantelzorg kon geven. Als de koeien werden gemolken was ik beschikbaar voor mijn nicht.

    Genetisch bepaald
    Het pasgeboren kereltje moest erg bijkomen van de bevalling en was op het eerste oog een beetje lui. Toen de verloskundige hem ging onderzoeken op een aantal reflexen, scoorde hij voldoende maar het was allemaal een beetje matig. Toen de verloskundige echter riep: ‘Kom op jongen, op naar de feestweek’ was zijn loopreflex in één keer goed aanwezig en maakte hij een korte spurt op het aankleedkussen. Tja, het feesten was bij deze jonge knaap gewaarborgd in de genen. En dat was niet zo vreemd, want ook pappa wist van geen ophouden.

    Nog even onbezorgd genieten
    Ondanks dat hij net pappa was geworden en zijn vrouw lag bij te komen in het kraambed, moest de feestweek in Bourtange doorgaan. Hij hield zich de hele kraamweek dapper, maar aan het eind van de kraamtijd wilde hij toch nog één keer genieten en even zijn vaderlijke verantwoordelijkheden op zij zetten. Samen met mijn man bezocht hij het feest in de feesttent en ik sliep die zaterdagavond op de bank bij mijn nicht in huis. Zo rond een uur of drie ’s nachts kwamen de mannen luidruchtig binnen. Na een korte uitwisseling van relevante en vooral minder relevante informatie vertrokken mijn man en ik richting huis.

    De laatste zorgdag?
    We doken snel in bed om nog enigszins wat slaap te pakken. De volgende dag moest ik immers weer gewoon aan het werk. Het zou de laatste zorgdag zijn en neef Floris had me verzocht niet in uniform te komen, want ze wilden er een informele dag van maken waarop ik alleen maar de verzorgende taken zou gaan doen; dus zorg voor moeder en kind!
    Ik lag al zeker 10 minuten in bed toen het me opviel dat mijn man nog niet naast mij lag. Ik deed het licht aan en zag hem slapend op de rand van het bed zitten; hij was gewoon vergeten om te gaan liggen!! Hmm, als dit tekenend was voor hoe de heren hun avond hadden doorgebracht, was ik bang voor de dag die zou komen.

    Een feestweek vergt een goede voorbereiding!
    De volgende dag ging ik daarom met een bedenkelijk gevoel richting het huis van mijn nicht. Hoe zou de vlag er daar bij hangen? Onderweg naar de boerderij zag ik Floris op de trekker met melkkar richting de koeien rijden. Weliswaar aan de late kant, maar hij was dus wakker. Op de boerderij aangekomen, kwam me in de keuken een rare onbestendige zware zure lucht tegemoet! Ik had een vermoeden en liep daarom direct door naar het toilet. Grrrrr, MANNEN! Staande plassen is voor menig man een ware uitdaging, maar kotsen met een zeer laag bewustzijnsniveau geeft nog veel meer rotzooi! Gelukkig had ik mijn uniform voor de zekerheid toch maar meegenomen en zo stond ik in de vroege ochtend het toilet beneden en boven grondig te reinigen. Volgens Floris kwam het echt niet door het bier, maar was het broodje shoarma wellicht verkeerd gevallen. ‘Tuurlijk, lieve neef! Dat zal het geweest zijn en weet je, je hebt natuurlijk erg weinig slaap gehad de afgelopen week. Dat is ook zeker geen goede voorbereiding geweest voor de feestweek van Bourtange’ spelde ik hem begripvol op de mouw met een vette knipoog richting mijn nicht! De nieuwbakken pappa stond weer met beide benen op de grond en wist vanaf nu heel zeker dat zijn leventje er iets anders zou uitzien!

    Geesje Fokkens
    Zorgdeskundige en kraamverzorgende
    Kraamzorg Het Groene Kruis
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

     

  • De dokterstas


    Geplaatst op 24 april, 2012 Geesje 2 reacties

    Samenwerken met de verloskundige

    Als kraamverzorgende werk je met heel veel andere beroepsgroepen samen. In de eerste plaats is dat de verloskundige. De kraamverzorgende is de ogen en oren van de verloskundige. Daar waar de verloskundige om de dag een half uurtje binnenkijkt, is de kraamverzorgende de hele dag aanwezig om moeder en kind goed in de gaten te houden.

    Met de huisarts
    Dan heb je nog de huisarts. In bijna alle gevallen doet de verloskundige de bevalling en de kraambedcontroles en in dat geval komt de huisarts enkel en alleen even langs om kennis te maken met de nieuwe wereldburger en de ouders te feliciteren met de komst van hun kindje. Als de baby nog niet is nagekeken door de kinderarts, dan doet de huisarts dit tijdens het consult aan huis.

    Met de Jeugdgezondheidszorg
    Dan is er nog de screener van de Jeugdgezondheidszorg die de hielprik en de gehoorscreening doet en uiteindelijk draagt de kraamverzorgende haar zorg over aan de wijkverpleegkundige van de Jeugdgezondheidszorg. We hebben in Nederland een prachtig systeem opgebouwd rondom de pas bevallen ouders en de pasgeborene. Een systeem waar we best trots op mogen zijn.

    Een komen en gaan van de genoemde disciplines bij het pas bevallen gezinnetje is voor de kraamverzorgende de normaalste zaak van de wereld. Zo normaal dat je af en toe even niet goed oplet …………..

    Bezoek
    Het was deze keer bij een gezin net over de provinciegrens in Drenthe. Een streek waar ik niet zo heel vaak werk en dus alle zorgverleners niet goed ken. Het was op een middag, de kraamvrouw lag te slapen en ik had met haar afgesproken dat ik haar om 15.00 uur zou wekken. Er zou die middag nog bezoek komen en dan was ze nog even in de gelegenheid om zich wat op te frissen. Het zal ongeveer kwart voor drie zijn geweest toen de deurbel ging. Toen ik de voordeur open deed, stond daar een keurig geklede man van ongeveer 50 jaar met een voor mij zo herkenbare tas in zijn linkerhand. De dokterstas! Ik gaf de man een hand, luisterde waarschijnlijk helemaal niet naar zijn naam, en liep heel vanzelfsprekend met deze man de trap op. Al lopend noemde ik nog even dat de kraamvrouw lag te slapen maar dat ik haar toch zo moest wakker maken. De ‘dokter’ vroeg nog aan me of hij dan niet beter beneden kon wachten. Met het idee dat hij toch nog de baby zou moeten nakijken leek het me echter handiger dat hij direct maar mee naar boven zou lopen. Overigens is kwart voor drie voor een huisarts een hele gangbare tijd. Het is dan nog lekker rustig in huis, nog geen bezoek en de huisarts kan dan even rustig zijn of haar ‘ding’ doen. Ik liet hem binnen in de kraamkamer en kondigde hem aan bij de kraamvrouw.

    Stethoscoop of Bijbel
    De kraamvrouw ging verschrikt rechtop zitten en gaf de ‘dokter’ een hand en zei terwijl ik een verwijtende blik kreeg toegeworpen: ‘dag dominee’. In een flits keek ik nog even naar de ‘dokterstas’ die dus helemaal geen dokterstas bleek te zijn. Natuurlijk, in deze tas zou ook prima een Bijbel passen, maar uitgerekend ik had dat niet zo snel bedacht. Daar stond ik dus met een dominee die geen dokter was en met een kraamvrouw die wellicht liever door de huisarts wakker gemaakt had willen worden dan door de dominee, waar ze zich eerst voor had willen opfrissen.

    ‘Oh, pardon, u bent de dominee? Naar uw tas te hebben gekeken dacht ik toch echt dat u de huisarts was. Neem mij niet kwalijk. Wellicht is het dan toch een goed idee wanneer u weer met mij naar beneden gaat. Ik heb de thee al klaar en ondertussen kan de kraamvrouw even rustig wakker worden’. Al pratend liep ik richting de trap en de dominee liep keurig achter me aan. Verbouwereerd liet ik de kraamvrouw achter. Toen de dominee een uurtje later het huis verliet kon ik mijn inschattingsfout uitleggen aan de kraamvrouw. Gelukkig kon ze er hartelijk om lachen!

    Geesje Fokkens
    Zorgdeskundige en kraamverzorgende
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

     

  • Bevallen als kraamverzorgende en opstaan als moeder


    Geplaatst op 22 maart, 2012 Geesje 1 reactie

    Het is bijna 17 jaar geleden dat ik moeder werd. Als je kraamverzorgende bent heeft dat een andere lading. Datgene waar je zoveel kennis van hebt, gaat je nu zelf overkomen. Het zwanger worden en het zwanger zijn is een hele happening op zich. De verloskundige met wie je menig bevalling en kraambed hebt gedaan is nu je eigen verloskundige. Grappig! Veel kraamverzorgenden zullen dit herkennen.

    De uitzet
    De babyuitzet moest worden aangeschaft. Het is echt lachen als je als zwangere van je eerste, maar o zo deskundig op het gebied van de babyuitzet, in een babywinkel komt. ‘Je wilt toch het beste voor je kindje?’ ‘Een bakje voor de wattenbolletjes en een bakje voor de wattenstaafjes heb je toch echt nodig’. De winkeljuffrouw bleef volhouden, zelfs toen ik had verteld dat ik kraamverzorgende was. ‘Een apart luier-afval-systeem zou ook reuze handig zijn’! Uiteraard! Voor de dagomzet, maar niet voor mij.  Ze ging echter gewoon door: ‘Jullie zijn beide erg lang, dan zou ik als jullie was, voor een in hoogte verstelbare kinderwagen kiezen’. Tja, daar zit wat in. Maar lange mensen krijgen waarschijnlijk ook een lange baby en hoe lang kan deze lange baby dan in de hoogte verstelbare kinderwagen liggen? Dus toch maar de 50 jaar oude kinderwagen van mijn tante Louke?

    Kinderwagen van tante Louke

    Overtijd
    En dan komt de bevalling steeds dichterbij. 38 weken, 39 weken, 40 weken, 41 weken …. Het scenario van in het ziekenhuis bevallen kwam steeds dichterbij. En dat was nu net wat ik niet wilde. Ik wilde baas blijven over mijn eigen lijf en over mijn eigen kind. Gelukkig was mijn verloskundige hiervan op de hoogte en ze besprak met mij daarom een plan waar ik me helemaal in kon vinden. Maar ook maakte ik voor me zelf ook een plan voor het geval ik toch in het ziekenhuis terecht zou komen. Een geboorteplan schrijven was toen nog niet gebruikelijk, maar wat vind ik het een goede ontwikkeling dat zwangeren en hun partners tegenwoordig gestimuleerd worden om een geboorteplan te schrijven.

    De bevalling
    Gelukkig begonnen de weeën spontaan toen ik 11 dagen ‘overtijd’ was. ’s Middags om 4 uur herkende ik de pijntjes in mijn buik als regelmatig terugkerende weeën. ’s Avonds om 9 uur, toen mijn man thuis kwam begon het echte werk. ’s Nachts om 1 uur nestelde de verloskundige zich met een slaapzak bij ons op de bank en ’s ochtends om 7 uur werd onze zoon geboren. Het was gelukt, thuisbevallen! Mijn moeder nam de taak van kraamverzorgende op zich en de kraamtijd kon beginnen.

    Wel of geen borstvoeding
    Maar …….. mijn zoon was niet voornemens om ook maar enkele belangstelling te tonen voor mijn borsten. Terwijl ik zo graag borstvoeding wilde geven. Het zou toch niet zo zijn, dat het geven van borstvoeding mij niet zou lukken? Van mijn nicht, die zelf bewust voor kunstvoeding had gekozen bij haar 2 kinderen, kreeg ik een slabbetje met de tekst ‘Geef mij maar borstvoeding’. Moest uitgerekend zij getuige zijn van het mislukken van de borstvoeding?  De volgende dag pakte onze zoon voor het eerst de borst en heeft ‘m een jaar lang niet meer losgelaten. Gelukkig, het was gelukt.

    Het eerste plasje
    Het volgende probleem deed zich echter al weer voor. Zoonlief wilde niet plassen! Als kraamverzorgende had ik menig ouder gerustgesteld dat zoiets vaker voorkomt en dat een baby uiteindelijk echt wel gaat plassen. Maar nu was het m’n eigen kind en ik zag de dreiging van het ziekenhuis al weer naderbij komen. De kinderarts werd ingeschakeld en die gaf ons gelukkig nog 24 uur de tijd, maar dan moest hij toch echt hebben laten zien dat hij kon plassen. ’s Avonds toen mijn man de luier verschoonde en op mijn verzoek met een koud nat watje het piemeltje nog eens grondig schoonmaakte, kwam met een prachtige boog de blaasinhoud naar buiten. De kraamvrouwentranen biggelden over mijn wangen. Wat een blijdschap en opluchting door een op het oog niets voorstellend plasje. Een zorg minder, ook dit was weer gelukt.

    Kraamverzorgende zijn en moeder worden
    Op dag zes kwam een vriendin van mijn moeder op bezoek en zij opperde dat het voor mij allemaal een makkie zou zijn. Ik wist toch alles al? Jazeker, praktisch gezien wel, maar is wist niet wat het was om moeder te zijn en hoe kwetsbaar je bent op het moment dat je een kindje verwacht en krijgt. De onzekerheden, de zorgen die je als moeder hebt. Het gaf mij een heel andere kijk op het moederschap.

    Het is gelukt
    Net als die ene keer toen onze zoon, inmiddels 2 jaar oud, niet wakker wilde worden. Dat paste helemaal niet bij hem. Hij, die altijd om 6 uur ’s ochtends naast ons bed stond en nu om 8 uur nog diep in slaap was. De thermometer gaf aan dat hij een temp had van iets meer dan 35,8 graden. Paniek dus! Eenmaal bij de huisarts in de spreekkamer met een nog wat suffig kind, kreeg ik te horen wat ik eigenlijk allang wist.  Met een grote glimlach op z’n gezicht vertelde mijn zeer gewaardeerde huisarts mij, zonder verdoving: ‘Je kind heeft gewoon last van een moeder die kraamverzorgende is en altijd klaar staat met de thermometer’. Au, dat deed zeer!
    Ik beschouwde het uiteindelijk maar als een compliment. Ik was inmiddels een kraamverzorgende geworden met oog voor professionaliteit en deskundigheid en met het inlevingsvermogen van een moeder. Ook dat was weer gelukt!

    Geesje Fokkens
    Zorgdeskundige en Kraamverzorgende
    Kraamzorg Het Groene Kruis
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

     

  • Max


    Geplaatst op 27 februari, 2012 Geesje 8 reacties

    Soms loopt het net allemaal een beetje anders

    Het zal ergens begin jaren negentig zijn geweest dat ik midden in de nacht werd opgeroepen voor een bevalling. Het gezin woonde op een boerderij. Meneer was akkerbouwer en veehouder. Een druk gemengd bedrijf dus. De avond voorafgaand aan de bevalling was de vader van meneer overleden en dat maakte de situatie wel heel bizar. Verdriet en blijdschap stonden in dit gezin letterlijk heel dicht bij elkaar. En ik mocht als kraamverzorgende hen door deze bijzondere kraamtijd heen loodsen.

    Maar het leven gaat door
    De vader van meneer woonde een aantal kilometers verderop en was alleenstaand. Hij had echter een hond, een grote logge Sint Bernard, genaamd Max. Max moest natuurlijk een plekje hebben en kwam daarom naar de boerderij. Op de boerderij zelf liep overigens ook nog een hond, een Berner Sennen rond. Opgeteld zag de situatie er dus als volgt uit: Er was een baby geboren waarvoor van alles geregeld moest worden, er was een opa overleden en dus moest er een begrafenis geregeld worden, de boerderij moest gewoon doordraaien en er liep een vreemde hond rond voor wie op dat moment even geen aandacht was.

    Uitbreiding van taken
    Tussen de bedrijven door kon ik gelukkig af en toe een beetje tijd vrijmaken voor Max. Binnen de kortste keren waren we dan ook de grootste vrienden en week hij niet meer van mijn zijde. Op de dag van de begrafenis, toen tot overmaat van ramp ook nog de aardappels afgeleverd moesten worden, stond hij trouw naast me toe te kijken hoe ik, getooid in overall en grote groene laarzen, met een enorme vork de aardappelbult stond bij te werken. Mijn ervaring als boerendochter kwam me in dit gezin goed van pas. Normaal gesproken had ik me, buiten mijn kraamzorgtaken om, nooit laten overhalen tot dit soort werkzaamheden, maar een bijzonder situatie vraagt nu eenmaal om een bijzonder aanpak. Het gezin was me dankbaar.

    Een auto vol hond
    Op de laatste dag toen ik afscheid nam van het gezin heeft Max waarschijnlijk aangevoeld dat onze relatie ten einde was. Op het moment toen ik, net na de middag, richting mijn Fiat Panda liep en daarvan de deur opende, sprong Max voorin de auto en ging op de passagiersstoel zitten. De Panda bezweek bijna onder het gewicht van Max en helde duidelijk over naar één kant. Met luide stem gebood ik Max de auto te verlaten. Max keek me aan en dacht klaarblijkelijk dat hij niet voorin mocht zitten en vastberaden ruilde  Max de passagiersstoel in voor de achterbank. Uiteindelijk moest er mankracht aan te pas komen om Max uit de panda te halen en liep hij, eenmaal uit de auto, zwaar beledigd, snuivend en grommend achter het erf op. Ik had met Max te doen. De rust was echter teruggekeerd in het gezin en wellicht zou hij vanaf dat moment de aandacht krijgen die hij nodig en verdiend had.

    Geesje Fokkens
    Zorgdeskundige en kraamverzorgende
    Kraamzorg Het Groene Kruis
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

     

  • Kraamzorg bij familie


    Geplaatst op 19 januari, 2012 Geesje 2 reacties

    Kramen bij familie
    Vandaag zijn mijn zwager en schoonzus een x-aantal jaren getrouwd. Vraag me niet hoeveel, dat soort getallen heb ik niet in mijn hoofd. Er is me ooit geleerd om m’n hersenen te gebruiken om na te denken en niet om te onthouden. Ik maak van deze wijze les dankbaar gebruik, al is het niet altijd met opzet.  Vanavond gaan we even een borrel halen. We hebben een speciale band met hen, alleen al omdat ik 4 keer (van de 5 in totaal) bij hun heb gekraamd. We hebben al heel wat lief en leed samen gedeeld. En op zo’n dag als vandaag komen er steeds flarden van herinneringen boven. ….

    Flarden van herinneringen
    Hoe ik ’s nachts door mijn zwager wakker werd gebeld met de mededeling dat ze naar het ziekenhuis gingen, hoe we vervolgens uren achter elkaar samen door brachten in de verloskamer, al puffend en zuchtend en masserend en regelmatig een potje yahtzee. Hoe mijn schoonzus na iedere bevalling de verpleegkundigen op het hart drukte dat ze de baby geen kunstvoeding mochten geven omdat ze borstvoeding in overvloed had. En hoe het verplegend personeel het toch iedere keer weer lukte om er een flesje met kunstvoeding in te krijgen. Hoe ik de oudste dochter een beker koffiemelk mee naar school gaf in plaats van een beker melk. Hoe de oudste zoon gretig maar met tegenzin in de nasi zat te eten die ik had gekookt en zich nog een bord opschepte ‘omdat hij bang was dat hij het anders morgen nog eens zou moeten eten’. En die ene keer dat we samen Kerst vierden omdat de één na oudste 2 dagen voor de Kerst werd geboren. Maar ook die keer dat we tijdens de geboorte van het vierde kindje tegen beter weten in zaten te wachten op het eerste huiltje en mijn schoonzuster opmerkte dat ze nu wist wat de uitdrukking doodstil betekende ………….

    Verjaardag in zicht
    We hebben samen gehuild, maar gelukkig was er ook altijd heel veel te lachen. Tijdens de laatste kraamperiode mocht ik zelfs mijn eigen verjaardag vieren. Deze dag houd ik normaal gesproken voor mij zelf en mijn gezin. Ver van te voren leg ik de datum vast als een vakantiedag. Echter toen mijn schoonzus vertelde dat ze uitgerekend was rond mijn verjaardag hoefde ik niet lang te aarzelen om wederom bij haar te gaan kramen.

    Dubbel feest
    Drie dagen voor mijn verjaardag werd het kleine meisje geboren. Een dag later mochten moeder en kind naar huis. En zo gebeurde het dat ik voor het eerst in mijn carrière aan het werk was op mijn verjaardag. Toen ik ’s morgens de straat in kwam rijden was alle versiering ter ere van de baby vervangen door verjaardagsslingers en de voordeur was rijkelijk versierd met ballonnen. Niemand kon het ontgaan dat ik jarig was want ook dat stond met grote letters op de voordeur aangegeven. Een heel bijzondere ervaring. Als ik alles van te voren had geweten had ik waarschijnlijk een poging gedaan om de regie wat meer in handen te houden, maar achteraf gezien was het één van de mooiste en bijzonderste verjaardagen. Ik zou het zo weer over doen.

    Weet je nog?
    Vanavond passeert het allemaal even weer de revue; weet je nog ….. weet je nog …. Ja, ik weet het nog. Het zijn de dierbaarste en mooiste momenten uit mijn loopbaan als kraamverzorgende: Kramen bij familie.

    Geesje Fokkens
    Zorgdeskundige en kraamverzorgende
    Kraamzorg Het Groene Kruis
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

     

  • Een kraamverzorgende is een duizendpoot!


    Geplaatst op 28 november, 2011 Geesje Geen reactie

    Afgelopen week had ik privé een loodgieter nodig. In drie kwartier was de klus geklaard. Kosten? € 65, – voorrijkosten + loonkosten € 88, – = € 153, -.
    Een relatief simpele handeling voor, naar mijn gevoel, veel geld. Dit zette mij aan het denken.

    Een extra taak
    In 2010 is Kraamzorg Het Groene Kruis begonnen met de scholing Vroegsignalering voor kraamverzorgenden en kraamcoaches. Een verplichte scholing waarvan momenteel het derde dagdeel wordt gegeven. Het is een intensieve scholing en medewerkers zijn vol aandacht en motivatie. Aan de andere kant is het een lastig onderwerp. Het is immers veel simpeler om, dat wat je ziet in de kraamzorg, over je heen te laten komen en van je af te schudden dan dat je het bespreekbaar moet maken.

    Veel te bespreken
    Ik heb zelf actief meegewerkt aan de ontwikkeling van deze cursussen en ieder dagdeel ben ik er bij en zie en ervaar ik hoe collega’s omgaan met dit onderwerp. Het zullen er straks zo’n 60 dagdelen in totaal zijn geweest. Bij de ontwikkeling van de cursus hebben we ons wel eens zorgen gemaakt of we bij ieder dagdeel wel genoeg stof tot praten hadden. Het tegendeel is inmiddels bewezen. Men raakt niet uitgepraat over het onderwerp, de tijd is te kort.

    Een solistisch beroep
    Dit geeft mij af en toe een triest gevoel. Ten eerste omdat, wanneer er zoveel stof tot praten is, er dus ook heel veel wordt gesignaleerd. De ene casus is nog schrijnender dan de andere. Verhalen waar je stil van wordt ………… Gelijkertijd bedenk ik me dan dat onze kraamverzorgenden er alleen voor staan in hun werk. Ze kunnen niet even snel met een collega sparren. Natuurlijk kunnen ze na werktijd de telefoon pakken en met een collega, leidinggevende of verloskundige bellen, maar tijdens hun werk in het gezin zullen ze solistisch moeten handelen, beslissingen moeten nemen, de juiste woorden vinden en hopen dat, dat wat hun gevoel zegt, het juiste is.

    Intensieve relatie
    Vroegsignalering is een taak die aan het takenpakket van de kraamverzorgende is toegevoegd. Uit onderzoek is namelijk gebleken dat er in Nederland geen enkele instantie is die zo intensief aanwezig is in de jonge gezinnen. Daar waar andere instanties hooguit een uurtje binnenkomen in de woon- en leefsituatie van het gezin is kraamzorg gedurende 8 dagen 49 uur aanwezig en soms nog meer. Tijdens die 49 uren wordt er een intensieve relatie opgebouwd. Kraamverzorgenden zien en signaleren veel. Ze zijn er immers voor opgeleid om er voor te zorgen dat signalen niet verloren gaan en terecht komen bij andere zorg- en hulpverleners rondom het jonge gezin. Signalen die gebaseerd zijn op intensieve observaties en waarnemingen.

    Multitasking
    Waarom schrijf ik nu over dit serieuze onderwerp in plaats van over een lachwekkende situatie tijdens mijn loopbaan als kraamverzorgende? Gewoon omdat ik uit diep respect voor alle kraamverzorgenden in Nederland een pleidooi  wil houden voor het belangrijke  en veel omvattende werk wat ze doen. Een prachtig beroep met inmiddels veel taken en verantwoordelijkheden, waaronder de vroegsignalering. Een professional die iedere burger in Nederland in huis kan halen wanneer er een kindje wordt geboren en daarvoor nog geen € 4, – per uur betaald (de zorgverzekeraar betaald ± 90% van het totaalbedrag). Ben je aanvullend verzekerd dan kost het je in veel gevallen helemaal niets. En wat doet de kraamverzorgende allemaal? Ze leert de nieuwe ouders alles over babyverzorging, borst- en/of kunstvoeding, ze verzorgt moeder en kind, ze houdt de gezondheidtoestand van moeder en kind nauwlettend in de gaten, ze brengt rust in één van de meest hectische periodes in het leven van een gezin, ze betrekt de andere kinderen bij de verzorging, ze verzorgt de maaltijden, ze verzorgt de was, ze houdt het huishouden bij, ze houdt de kinderen bezig als de ouders liggen te rusten, ze ontvangt het bezoek en zorgt voor thee/koffie en smeert tijdens haar loopbaan duizenden beschuiten met muizen, ze leert de partner haar eigen taken over te nemen tijdens de avond- en nachturen, ze werkt samen met de verloskundige of de huisarts en assisteert hen bij medische verrichtingen inclusief de bevalling. Och, iedere kraamverzorgende zal vast en zeker nog wel een taak kunnen noemen die niet in dit rijtje voorkomt. Want in de loop der jaren zijn er alleen maar taken bijgekomen terwijl er op het aantal uren zorg behoorlijk is ingeleverd. Het is in ieder geval zeker: een kraamverzorgende is een DUIZENDPOOT zonder extra voorrijkosten en zonder een extra avond- en nachttarief!

    Geesje Fokkens
    Zorgdeskundige en kraamverzorgende
    Kraamzorg Het Groene Kruis
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

     

     

  • Kraamverzorgende compleet de weg kwijt . . . .


    Geplaatst op 26 oktober, 2011 Geesje 1 reactie

    De prachtige natuur

    Het zal denk ik ergens vlak voor de eeuwwisseling zijn geweest dat ik werd ingezet in een gezin (derde kind, 2 jongens van 8 en 9 jaar en nu een zusje) dat ergens afgelegen woonde. Midden in het veld, met een 500 meter lange onverharde weg als oprit, in een gehucht waar je uitkeek op de grens met Duitsland. Nu woon ik zelf ook vlak aan de grens met Duitsland, dus bij uitstek de gelegenheid om eens een keer wat binnen-door-weggetjes te nemen. Ik houd daar wel van. ’s Morgens is het prachtig in het veld, vooral als de rest van de ‘wereld’ nog niet wakker is.  Je ziet ontzettend veel wild, grijze nevel over het veld en een opkomende zon. Dat is pas genieten. Zo kon het gebeuren, het zal denk ik  ergens halverwege de zorg zijn geweest, dat ik al rijdend helemaal op ging in de natuur en op de automatische piloot ging rijden. Halverwege mijn route naar het gezin was een driesprong, waar een doodlopende weg het veld in ging. Ik moest hier rechtdoor om bij het gezin te komen, maar omdat ik op de automatische piloot reed, ging ik linksaf, nam de doodlopende weg en stopte bij de laatste boerderij. Het huis van mijn zwager. Nog half in dromenland stapte ik uit de auto, pakte mijn tas van de achterbank, sloot de portieren van de auto en belde aan. Mijn zwager deed open. Zijn ogen gleden af naar de enorme grote zwarte tas die ik in mijn rechter hand droeg en even moet hij, denk ik, gedacht hebben dat ik bij hem zou intrekken. Het verbaasde gezicht van mijn zwager schudde mij wakker. Mijn nog vrije linker hand sloeg ik vol schrik voor de mond en al roepend  ‘sorry, ik moet nog een stukje verder’ snelde ik weer de auto in en vervolgde mijn route. Uiterst gênant!

    Leedvermaak
    Ik kwam keurig op tijd bij het gezin aan en het voorval was voor mij geschiedenis. Althans dat dacht ik. ’s Middags bij de thee merkte de kraamvader op, met een verdachte grimas om zijn mond,  dat ik ’s morgens al heel wat kilometers had afgelegd om naar hen toe te komen. Argwanend vroeg ik hem wat hij precies bedoelde. Ook de kraamvrouw keek haar man vragend aan. Toen begon hij te lachen en vertelde tot in detail de route die ik die ochtend had gereden. Mijn mond viel open van verbazing, hoe kon hij dat weten . . . . . . . .

    Even terug . . . . .
    Direct na de lunch was meneer in de auto gestapt om enkele boodschappen te doen en hij moest nog even naar de Welkoop (een ontmoetingsplek voor boeren). In de Welkoop was hij mijn zwager tegen gekomen en samen raakten ze aan de praat. ‘Ons kent ons’ zullen we maar zeggen, zonder dat ze van elkaar wisten dat de één mijn zwager was en dat de ander mij 8 dagen over de vloer had . De kraamheer vertelde trots dat hij enkele dagen daarvoor vader was geworden van een prachtige dochter. Bij mijn zwager ging op dat moment een lichtje branden en hij vroeg of er misschien ook een kraamverzorgende in huis was die heel misschien Geesje heette?

    Tja, om een lang verhaal kort te maken, de heren hebben zich kostelijk vermaakt om mijn vergissing die ochtend. Een mooi verhaal, samen hebben we er nog eens om gelachen en ik stopte het opnieuw in het kastje van de geschiedenis.

    Navigatie op het platteland
    De volgende ochtend, het was een uurtje vroeger dan de dag ervoor, reed ik opnieuw naar ‘mijn’ gezin. Het was nog een beetje schemerig en toen ik in de buurt van het huis kwam zag ik al van verren oranje zwaailampen en alarmlichten. Nu is dat in de tijd van het najaar niet zo vreemd, in boerenstreken wordt dan namelijk 24 uur per dag aardappels en bieten op de vrachtwagens geladen. Er gingen bij mij dus nog geen alarmbellen rinkelen. Maar toen ik dichterbij kwam zag ik dat het heel wat anders was. Met stoepkrijt stond op de rest van de route ‘Geesje’ geschreven met dikke vette pijlen die de richting aangaven. Bij de oprit naar de boerderij stond een trekker met zwaailamp en alarmlichten aan en met een gigantische kartonnen pijl die de richting naar het huis aangaf. Bij binnenkomst trof ik lachende gezichten aan en 2 glunderende koppies die duidelijk deelname hadden gehad aan het project, gezien hun met stoepkrijt besmeurde kleren. Vanaf dat moment lieten deze twee boeven geen gelegenheid onbenut om het verhaal te vertellen aan iedereen die het maar wilde horen. En na kraamtijd . . . . . heeft mijn zwager er wel voor gezorgd dat het verhaal actueel bleef.

    En ik? Misschien heb ik er nog wel het meest van genoten. Weer een gezinnetje wat ik nooit zal vergeten.

    Geesje Fokkens – Roosien
    Kraamverzorgende en Zorgdeskundige
    Kraamzorg Het Groene Kruis
    www.kraamzorghetgroenekruis.nl

     

  • Mijn derde blog over de kraamzorg


    Geplaatst op 7 oktober, 2011 Geesje 2 reacties

    Door Geesje : Het was een mooie en bijzondere week

    De afgelopen week ben ik weer eens in de huid van de kraamverzorgster gekropen en heb een zorg van 7 dagen gegeven in een gezinnetje waar het vierde kindje werd geboren. Dit kindje kwam via de keizersnede ter wereld en mocht samen met haar moeder op de vierde dag naar huis.

    Tante Geesje
    Het gezinnetje was niet zomaar een gezinnetje. Reeds tweemaal eerder had ik er kraamzorg gegeven. Bij de eerste en de tweede. Bovendien is het familie; de kraamvrouw is de dochter van mijn zwager en schoonzus. ‘Tante’ Geesje was dus de kraamverzorgster. Dit gaf op de eerste zorgdag grote hilariteit toen de één na oudste zei: ‘Tante Geesje, je ziet er wel grappig uit’, doelend op mijn witte uniform.

    Leuk en lastig
    ‘Kramen’ bij familie, vrienden of kennissen heb ik zelf altijd als heel ontspannen ervaren. Je kent elkaar en daardoor kun je als kraamverzorgende sneller inspelen op de wensen van de ‘klant’. Lastiger is het om de grenzen van je professionaliteit te bewaken. Doordat je meer bent betrokken kruip je ook sneller in de rol van de mantelzorger.

    Betrokken
    Zo was ik op de dag van de keizersnede aanwezig in het ziekenhuis. In goed overleg overigens, maar zo gebeurde het dat ik de dagen in het ziekenhuis al een deel van de zorg op me nam. Op de eerste zorgdag was ik niet op het moment van thuiskomst pas aanwezig, maar gelijk ’s morgens om 8 uur. Samen met de kinderen kon ik het huis nog een beetje aan kant maken en de roze versieringen in en om het huis aanbrengen. Boodschappen doen deed ik met m’n eigen auto en toen de baby opnieuw in het ziekenhuis moest worden opgenomen reed ik dagelijks met moeder heen en weer naar het ziekenhuis. Veelal trok ik de voordeur pas achter me dicht als de kinderen ’s avonds in bed lagen. Kortom de uren kraamzorg en mantelzorg waren redelijk, qua hoeveelheid, met elkaar in balans. Terug kijkend realiseer ik me ook, dat de kraamzorguren voor sommige gezinnen niet toereikend zijn.

    Kraamzorg is een zwaar beroep
    Voor mij was het inmiddels 4 jaar geleden dat ik werkte als kraamverzorgende. Zelf heb ik altijd geroepen dat mensen die het beleid bepalen, feeling moeten houden met de werkvloer. Dat is onder andere de reden geweest voor mij om deze verzorging op mij te nemen. Want hoe kan ik in vredesnaam het zorginhoudelijk beleid helpen uitstippelen als ik zelf niet meer weet hoe klein een baby kan zijn, welke babyproducten er in die 4 jaar bijgekomen zijn, of de protocollen toepasbaar zijn, of onze werkmaterialen goed bruikbaar zijn, enz. enz. En wat het meest belangrijk is: te voelen en ervaren hoe zwaar en verantwoordelijk het beroep van kraamverzorgende toch wel is.

    Toch prematuur?
    Ik kijk terug op een zware, maar mooie en bijzondere week. Ik heb werkelijk genoten, ondanks dat het niet ging zoals we eigenlijk wel graag wilden. Met de baby gaat het naar omstandigheden goed, ze had alleen achteraf bekeken beter nog 2 à 3 weekjes in de buik van de moeder kunnen blijven zitten. Maar op de moedermelk die ze van haar mama krijgt groeit ze goed en wordt ze met de dag sterker, zodat ze binnenkort weer naar huis mag.

    Margriet, Erik, Merijn, Thijmen, Annemijn en Sylke: bedankt voor deze fantastische ervaring!

    

  • Borstvoeding, wat moet je daar nou over schrijven


    Geplaatst op 23 augustus, 2011 Gonneke 1 reactie

    Gonneke en Jelle

    Door Gonneke van Veldhuizen-Staas, IBCLC: De eerste keer dat ik nadacht over borstvoeding was toen ik samen met mijn al meer ervaren schoonzusje de lijst van het kraamborgbureau doornam, 31 jaar geleden. ”Dit en dit en dit kun je doorstrepen” zei ze, terwijl ze met ferme hand een aantal items op het lijstje onleesbaar maakte, ”want jij gaat toch borstvoeding geven.” Dus. Vastgesteld feit. Ze had wel gelijk, want natuurlijk ging ik borstvoeding, al was het alleen maar om mijn zeer hoog-opgeleide oudste zus die de fles had gegeven dwars te zitten (in die tijd was borstvoeding geven juist niet iets dat hoogopgeleiden deden, dat is pas iets van de laatste tijd). De huisarts, die mijn thuisbevalling zou gaan begeleiden (dat kon toen nog zonder problemen) zag mijn ingetrokken tepel niet als een bezwaar: die krijgt die kleine van je er wel uit. Hij bleek gelijk te hebben. In het ziekenhuis, waar ik als gevolg van complicaties toch terecht kwam dachten ze daar anders over. Plat op mijn rug liggend vanwege de totaalruptuur moest ik voeden met een tot tepelhoed omgetoverde flessenspeen erop. Mijn slimme dochter trok haar eigen plan: die met dat gekke ding erop liet ze voor wat het was en ze dronk haar deel uit die andere. Eenmaal thuisgekomen kwam het allemaal goed, de dokter kreeg achteraf toch gelijk en ”de borstvoeding ging lekker”. Tot het consultatiebureaubezoek met 8 weken. ”Begin maar eens met een lepeltje Roosvicee met water, want ze heeft nu wel wat meer vitaminen nodig” zei de dokter (bedenk, we spreken 1981 hier), twee weken later gevolgd door gezeefde tomaat en nog een paar weken later sinaasappelsap en liga. Tegen de eerste halve verjaardag at dochter vrijwel met de pot mee en dronk tussendoor de borst. Tegen dat de tweede kwam had ik me beter ingelezen, was in contact gekomen met borstvoedingorganisatie LLL en dat ging een stuk beter. Het water dat mijn zoon volgens de kraamverzorgster moest drinken spoog hij haar terug in het gezicht. Hij kan nu nog net zo boos kijken als toen in 1982. Daarna hield ik het wat de voeding van mijn kinderen betrof maar bij de echte experts en werd er zelf ook één. Eerst als La Leche League leidster en alter als lactatiekundige (1992). Er is veel veranderd in de jaren, maar nog steeds krijgen vrouwen bij de eerste blik tepelhoedjes aangeraden (ook al zijn die inmiddels een stuk minder onhandig dan toen), krijgen borstkindjes om de meest onzinnige redenen water en kunstvoeding toegediend en wordt er veel te vroeg met bijvoeding gestart. Ik verwacht dus inderdaad wel voldoende stof te hebben om over te schrijven. Allemaal over borstvoeding. Want moeders die borstvoeding willen geven hebben alle informatie en steun nodig die ze krijgen kunnen. In dit blog wil ik proberen daar een kleine bijdrage aan te leveren.

    Disclaimer: Ik ben vóór borstvoeding, zowel voor moeders en kinderen. Ik ben niet tegen kunstvoeding, vooral niet wanneer moeders op basis van goede informatie een weloverwogen keuze hebben gemaakt. Ik ben wel tegen slechte borstvoeding-begeleiding volgend op pressie om borstvoeding te geven.