Zorgverzekeraars Achmea stoppen met kraamzorgveiling per 2009

De zorgverzekeraars van Achmea stoppen per 1 januari 2009 met de inkoop van kraamzorg via de kraamzorgveiling. Zij hebben dit instrument in 2005 geïntroduceerd om het monopolie van grote kraamzorgcentra te doorbreken. Door ook kleinere instellingen een kans te geven op de kraamzorgmarkt is de keuzevrijheid voor de verzekerde vergroot en heeft de kwaliteit en klantgerichtheid in de kraamzorg een impuls gekregen. Achmea betreurt het om met de veiling te stoppen, maar ziet zich hiertoe genoodzaakt door het tekort aan kraamverzorgenden. Om een veiling optimaal werkend te houden, is voldoende zorgaanbod immers een vereiste. Om kwaliteit in de kraamzorg verder te stimuleren, gaan de Achmea zorgverzekeraars samenwerken met ‘preferred suppliers’. De zorgverzekeraars van Achmea willen kwaliteit en keuzevrijheid voor hun verzekerden en komen hiertoe via baanbrekende initiatieven, waarbij zoveel mogelijk de samenwerking met de zorgaanbieder wordt gezocht. Via de kraamzorgveiling – een instrument dat in 2005 voor de nodige opschudding zorgde – is de marktwerking tussen kraamzorgcentra op gang gekomen, waarbij ook kleinere aanbieders een rol hebben kunnen spelen. Vóór de introductie van de kraamzorgveiling in 2005 werden klanten automatisch aan één van de grotere kraamzorginstellingen toegewezen en viel er voor de verzekerde niets te kiezen. Voor de zorgverzekeraars van Achmea was niet zichtbaar van welke kraamzorgcentra verzekerden gebruik maakten en wat hun oordeel over de kwaliteit van deze aanbieders was. De samenwerking van Achmea met Zorgveiling B.V., die de kraamzorgveiling heeft uitgevoerd, is er beter inzicht gekomen in de vraag, het aanbod en de prijs van de kraamzorg. Verzekerden kunnen bij de kraamzorgveiling een voorkeur voor een kraamcentrum aangeven en krijgen deze van Achmea altijd gehonoreerd. Kraamzorgcentra kunnen voor de groep verzekerden die geen voorkeur aangeven een prijs bieden, waartegen ze de kraamzorg willen leveren. De Achmea zorgverzekeraars garanderen kwaliteit door alleen afspraken te maken met instellingen die aan de basiskwaliteitseisen van de kraamzorg voldoen en werken via het landelijk indicatieprotocol kraamzorg. Verzekerden vullen na afloop van de kraamperiode een kwaliteitsenqu(ee)te in over hoe tevreden zij zijn over de kraamzorg van de betreffende zorgaanbieder. Deze gegevens zijn beschikbaar voor aanstaande ouders, zodat zij hier een keuze op kunnen baseren. Per 2009 gaat Achmea met het inkoopbeleid voor de kraamzorg een andere koers varen. De verwachting is dat het veilinginstrument door de tekorten aan kraamverzorgenden de komende jaren niet meer optimaal kan werken. Om toch kwaliteit te stimuleren, keuzevrijheid te bieden en voldoende zorg te kunnen garanderen, willen de Achmea zorgverzekeraars dit najaar een breed aanbod van kraamzorgcentra contracteren. Daarbij gaan zij werken met prestatiebeloningen en preferred suppliers. Kraamzorgcentra die hebben bewezen goede zorg te leveren, krijgen een meerjarenovereenkomst aangeboden met hogere tarieven. Preferred suppliers moeten hiervoor bepaalde certificaten hebben (HKZ/BKE- en WHO-certificaat) en een goede beoordeling hebben gekregen van hun klanten. De preferred suppliers moeten bereid zijn om afspraken te maken over zorggarantie. Voor de niet-preferred suppliers geldt een reguliere overeenkomst van een jaar met lagere tarieven. Afspraken over zorggarantie met deze aanbieders zijn minder absoluut. De zorgverzekeraars van Achmea bereiden op dit moment het contracteerbeleid van 2009 voor en verwachten de kraamzorgaanbieders begin november een contractvoorstel te kunnen doen.

Deel dit bericht